Haken

“En dan sla je het draadje om het haakje van je naald,” ik zit naast Lotte en doe het tegelijkertijd voor, “en dan trek je het haakje met de draad, door het lusje.”
“Dat leer ik nooit, door mijn stemmen kan ik me toch niet concentreren!” zucht ze. Ik doe de handeling heel langzaam nog een keer voor. En nog een keer, en nog een keer. Met engelengeduld en met een stimulerende houding daag ik Lotte uit het zelf eens te proberen. Ze volgt mijn handen nauwkeurig, zucht nog een keer en pakt de haaknaald en de draad dan onzeker van me over. Ik pak zelf ook een haakwerk en haak simultaan met haar mee.
Met verkrampte handen doet Lotte haar zoveelste poging. Dat ze de moed nog niet heeft laten zakken betekent dat ze een goeie dag heeft. Ik hoop dat ze de slag te pakken krijgt. Dat gun ik haar zo. Ze vindt het kussentje dat José gehaakt heeft namelijk zo leuk dat ze het na wil maken.

“Zo?” Vraagt ze geconcentreerd.
“Ja, zo! Super! Probeer nog maar een steek.”
Ze gaat verder, het puntje van haar tong steekt van de inspanning uit haar mond. Het lukt weer. Nog een steek, dan nog een.
“Ik krijg er de zenuwen van,” zegt Lotte zonder haar ogen van haar werkje te halen.
“Je doet het fantastisch,” zeg ik bemoedigend.

Wanneer ze de ‘losse steken’ na een half uur toch in de vingers heeft, leer ik haar de ‘stokjes-steek’.
“Als je die onder de knie hebt, kan je echt alles haken wat je maar wilt,” leg ik haar uit. Ik zie aan haar gezicht dat ze wat ontspant en er lol in begint te krijgen.
“Mag ik de haaknaald en de wol straks mee naar de afdeling nemen?” Ze wil graag oefenen want ze is bang dat ze het anders verleerd. “En,” zegt ze verrast, “ ik heb helemaal geen last meer van mijn stemmen gehad.”

Dat zoiets simpels, zoiets huiselijks en ouderwets als haken, Lotte helpt haar stemmen te dempen vind ik verrassend. Maar eigenlijk ook weer niet. Ik heb al vaak gezien dat bezig zijn kan helpen bij herstel. Doen; ‘in het moment’ zijn, kleine keuzes maken, stapje voor stapje vooruit. Of dat nou het bakken van een appeltaart is, het in elkaar knutselen van een bloemstuk, het rijgen van een armbandje of het verschonen van een caviakooi. In beweging komen, grenzen verleggen en contact maken. Vooral sàmen doen is goud waard, het blijkt vaak de basis is om elkaar te leren kennen op een ongedwongen manier. Dat praten komt dan vanzelf wel. Of niet en dat is ook goed! En wordt namelijk al genoeg gekletst.