TBS

Je zou het misschien niet verwachten, maar de meeste cliënten op de high security afdeling van de TBS kliniek willen eigenlijk maar een ding; gewoon hun tijd uitzitten. Geen gedonder, gewoon rustig het behandeltraject doorlopen, herstellen en rehabiliteren. Het liefst willen ze dat natuurlijk op hun eigen manier, in hun eigen tempo. Ze stellen over het algemeen niet veel eisen maar sommige cliënten kunnen stevig protesteren tegen afdelingsregels en voor anderen lijkt het een sport om afspraken te ontwijken. Mede daarom is er regelmatig toch wat spanning. Maar ook als de kaas al op blijkt te zijn bijvoorbeeld, wanneer hun was door een ander uit de machine is getrokken of als de afstandsbediening kwijt is terwijl ze nu ‘Iceroad truckers’ willen kijken.
Omdat niemand zich echt verantwoordelijk voelt voor de gezamenlijke ruimte en de keuken, lopen de irritaties nogal eens op. Er ligt overal troep, lege verpakkingen en kruimels. Koffiekringen ontsieren de salontafel en ‘in de weg’ lijkt de permanente verblijfplaats van de stofzuiger. Het tosti-apparaat draait overuren, het serviesgoed verdwijnt naar de slaapkamers en er is altijd gezeik over het eten. Er wordt gehandeld in pillen, sommigen roken stiekem wiet en af en toe wordt er drank mee naar binnen gesmokkeld.
Als een spelletje Risk verloren wordt, vliegen de soldaatjes door de lucht en wordt de veldslag met wat rake klappen uitgevochten. Geregeld wordt er tegen de leiding geschreeuwd en collega’s worden niet zelden tegen elkaar uitgespeeld. En omdat verscheidene mannen nogal eens behoefte hebben het haantje uit te hangen, is de sfeer soms ronduit vijandig.

Klinkt dat heftig?

Omdat het TBS-ers zijn?

Bij mij thuis gaat het er vaak niet anders aan toe. De dynamiek in de TBS kliniek lijkt soms verdacht veel op een huishouden met een stel puberale apen.

Ik wil maar zeggen.