Intro | Respect

Zolang ik weet heb ik geprobeerd mijn cliënten een plek te bieden waar ze, in die verwarrende fase van hun leven, mochten zijn wie ze waren. Samen met hen zocht ik naar inzichten in hun patronen, ik hielp ze om stappen buiten hun comfort zone te zetten of liet ik hen kwaliteiten zien waarvoor ze zelf blind waren. Ik heb contact gemaakt, behoeften gehoord,

‘Luisteren, afstemmen en aansluiten’ is mijn motto.

Regelmatig plaats ik hier  een nieuwe blog in plaats van een oudere.  Dus kom af en toe eens terug voor nieuwe verhalen.

De namen van de personen die de basis zijn geweest voor deze verhalen zijn veranderd.

“Heb je even tijd voor mij?” Ellen staat voor me.
“Natuurlijk,” zeg ik. “Nu meteen?”
“Als dat kan, heel graag.”
Even later hebben we ons, met een kopje hete thee, in een rustig hoekje van de huiskamer geïnstalleerd.
“Zeg het maar,” begin ik. Dit is de eerste werkdag na mijn vakantie en ik moet weer even inkomen.

Door het gewapende glas in de deur van het verpleeghok, zie ik Marco mijn kant op benen. Hij ziet er onrustig uit. Nadat ik de rapportage die ik zat te lezen weggeklikt heb, sta ik op. Marco staat inmiddels dwingend op het raam te kloppen. Ik doe de deur open en vraag hem rustig of ik iets voor hem kan doen.
“Ja, ik wil mijn sigaretten. Nu,” zegt hij.
Omdat er al een tijdje een levendige handel op de afdeling gaande is, waarbij de minder assertieve rokers leeggeklopt worden, is er sinds een paar dagen nieuw beleid.

Voedselbank, kringloopkleding en altijd bang om niet rond te komen. Veel mensen met een psychische belasting leven in armoede. Door de soms jarenlange arbeidsongeschiktheid, het daarmee gepaard gaande stigma en door de zichtbare invloed van medicatie tollen ze niet zelden naar de onderkant van de samenleving.

“En dan sla je het draadje om het haakje van je naald,” ik zit naast Lotte en doe het tegelijkertijd voor, “en dan trek je het haakje met de draad, door het lusje.”
“Dat leer ik nooit, door mijn stemmen kan ik me toch niet concentreren!” zucht ze.
Ik doe de handeling heel langzaam nog een keer voor. En nog een keer, en nog een keer.

Als activiteitenbegeleidster sta ik vooral te boek als de ‘knutseljuf’. Nu wil ik de gewone knutseljuf niet tekort doen maar als activiteitenbegeleidster in de psychiatrie moet je toch net even iets meer te bieden hebben dan kennis van creatieve technieken en didactische vaardigheden. Menig activiteitenbegeleidster heeft de instelling ‘ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik

Het valt me op dat er steeds meer chronisch psychiatrische patiënten binnen lopen in het buurthuis waar ik begeleider ben van de ‘Inloop’. Ik ken ze nog uit de tijd dat ik voor de kliniek werkte. Zo zag ik vandaag Ellie. Ik weet dat haar leven bol staat van verdriet en trauma’s. Ze lijkt een beetje psychotisch.

Gereformeerd, moslim of atheīst. Het geloof of het ontbreken van een religieuze overtuiging is nogal eens onderwerp van discussie op de afdeling. De interpretatie van de bijbel of de Koran reden voor conflict en wanneer daar ook nog een schizoïde ofparanoïde persoonlijkheid bij komt kijken is het soms lastig laveren op de kliniek. Om over het juiste menu nog maar te zwijgen. Kosher, halal, vis op vrijdag, vegan of aangepast aan

Traag, vlakke mimiek en emotioneel leeg. Niet somber, niet angstig, niet boos. Gewoon niets. Leeg. Het hart klopt, de ademhaling doet haar ding en de spierspanning loopt op de automatische piloot. De processen die in haar hersenen zijn verankerd gaan door. Gedachteloos en onbewust.

Je zou het misschien niet verwachten, maar de meeste cliënten op de high security afdeling van de TBS kliniek willen eigenlijk maar een ding; gewoon hun tijd uitzitten. Geen gedonder, gewoon rustig het behandeltraject doorlopen, herstellen en rehabiliteren. Het liefst willen ze dat natuurlijk op hun eigen manier, in hun eigen tempo. Ze stellen over het algemeen niet veel eisen maar sommige cliënten kunnen stevig protesteren tegen afdelingsregels en voor anderen lijkt het een sport om afspraken te ontwijken.

Als ik samen met een paar cliënten de ontbijtboel aan het opruimen ben, komt Linda de woonkamer in. Ze ziet me en constateert nogal neerbuigend, “o, werk jij vandaag?!”
“Goeiemorgen Linda, ja, ik werk vandaag,” zeg ik vriendelijk, terwijl ik doorga met afruimen. Ik zie dat ze geringschattend naar me kijkt, een zucht slaakt en haar aandacht op iets achter mij richt. Daarbij verandert haar mimiek compleet.

Twee dagen in de week neem ik mijn cavia’s mee naar de kliniek. Ik hoop de cliënten daarmee wat afleiding en plezier te brengen. Lotje en Lola zijn op die dagen mijn harige collega’s. Ze zijn erg geliefd maar wanneer ze mee naar de kliniek zijn geweest stinken ze enorm, alsof ze een hele dag in een marinade van sigaretten en koffie hebben gelegen. Dat komt vooral door Riet.